|       |
Gevleugelde
panden
De snelst groeiende tak van
transport is de luchtvaart. Het gaat vliegensvlug, het gaat wereldwijd,
het groeit in volume en het groeit in tal & last. Zowel in de lucht
als op de grond komt men ruimte en tijd te kort. Beiden lasten leidden tot
vertragingen en andere problemen.. Overal ter wereld is men daar mee
bezig. Op de internet-luchtvaartsites is dit prachtig te volgen. Hier
wreekt zich de snelheid van die vervoerstak, want men werkt op papier al
met een volgende fase, die zich op de grond nog moet waarmaken. Voorbeeld:
'Airbus Industries' heeft kortgeleden het groene licht gegeven om vele
miljarden euro's te investeren in de bouw van de -alleen nog op papier
bestaande- Airbus A380 Superjumbo. Ruim vijftig bestellingen zijn binnen,
voor zowel de passagiers- als de vrachtuitvoering. Er kunnen 500-600
mensen in dat luchtkasteel. Ze zijn zó groot, dat de 'mainports' moeten
gaan verbouwen om de maatschappijen te gerieven, die met de joekels gaan
vliegen. Als omstreeks 2006-2008 de A380 Superjumbo's geleverd worden,
hebben de vliegvelden weer bijgebouwd. Er zit druk op de ketel; niemand
krijgt de tijd om achterom te kijken. Voor de luchtvaartgeschiedenis is
dat sneu. Door die bouwerij 'in haast' gaat alles plat uit de
beginperiode. Waar bij de scheepvaart en het wegverkeer bepaalde
bouwwerken behouden blijven, verdwijnt bij de luchtvaart alles van vroeger
vóór je d'r erg in hebt. In het Monumenten Inventarisatie Project
1850-1940 staat slechts een oude hangar op de Vliegbasis Twente vermeld
(voor insiders: op Oost bij 't Kremlin). Op Schiphol is alles weg van het
eerste Vliegkamp en van de 'hulpvliegvelden'. De historici die de
'Stelling van Amsterdam' met zijn militaire monumenten (o.a.
Marinevliegkamp Schellingwoude) onder de aandacht brengen, kunnen niets
meer laten zien over de vroegere vliegerij. Gesloopt voor nieuwbouw van de
stad of van de luchthaven. De vliegvelden Ypenburg en Valkenburg
verdwijnen ook. Eén hangar is als monument op vliegveld Hoogeveen
terechtgekomen. Op vliegveld Eelde is al veel veranderd. De WOII-bunkers
zijn weg. De radiopeilers en de antennemasten voor de lange golf zijn
verdwenen. De oorspronkelijke gebouwen zijn vertimmerd; er is
blokkendoosnieuwbouw bijgekomen. Als de verlengde baan in gebruik komt,
wordt er wéér verhuisd en verbouwd. Logischerwijs mag je ook nieuwe
bedrijvigheid verwachten, met nieuwbouw en extra wegen bij de luchthaven. Laat het dan in 2007 niet
gebeuren, dat vijftig jaar na de opening óók de RLS-gebouwen geruisloos
gesloopt zijn! Ze worden nu verwaarloosd, maar de KLS-leerlingen hebben
net weet wat opgeknapt. Deze gevleugelde panden van de v.m.
Rijksluchtvaartschool (internaat, hoofdgebouw en schoolgebouwen) verdienen
een goede herbestemming. Het is architectuur uit de beginjaren vijftig,
een periode die in heemschutkringen extra aandacht krijgt. Er is nu tijd
om er over na te denken en een weloverwogen beslissing te nemen. De komst
van de RLS was een mijlpaal voor de Nederlandse vliegerij en voor de
Drentse gemeente. De school bracht verscheidene bekende piloten voort.
Door de Rijksluchtvaartschool (met z'n Brabanders) ontstonden de
woonwijken Nieuwe Akkers (personeel) en Oranjepolder (instructeurs &
chefs), de RK-kerk en de Mariaschool in Eelde/Paterswolde. eerder verschenen in 't Nieuwsblad van het Noorden, 09 januari 2001
Copyright 1995 - 2008 Han Tuttel. All rights reserved.
|